IT in de klas: ‘meer dan alleen het aanzetten van de apparatuur’

Wanneer het voornemen bestaat om IT toe te passen in de klas, is de eerste vraag die opkomt: waar te beginnen? Het SAMR model is een hulpmiddel dat docenten kunnen gebruiken bij deze vraag.

Het is een model zonder uitgebreide stappenplannen of grote schema’s. Het biedt steun bij het bepalen van het juiste instapniveau voor de toepassing van IT. Het model is in de jaren ‘80 ontwikkeld door dr. Ruben Puentedurra en wordt nog steeds doorontwikkeld, onder meer door verbinding te leggen met andere modellen. Het SAMR model ziet er als volgt uit:

 

5805548

 Bron: Dr. Ruben Puentedura, Ph.D. http://www.hippasus.com/rrpweblog/

Zoals te zien is staan de letters van de afkorting voor 4 niveaus van toepassing van IT. De eerste 2 (van onder naar boven) gaan over uitbreiding en verbetering van de bestaande didactiek, de laatste 2 gaan over vernieuwen en veranderen van bestaande werkwijzen. Hier een toelichting op het model:

Substitution
Op dit niveau gaat het om de toepassing van IT ter vervanging van een bestaand leermiddel, zonder dat de didactiek wordt aangepast. Kernvraag is hier: kan ik voordeel halen uit het vervangen van een bestaande technologie door een nieuwe. Een voorbeeld hiervan is het laten maken van een werkstuk met een tekstverwerker en het laten toesturen per e-mail. Dit is efficiënter, maar in essentie niet anders dan een werkstuk op papier maken en in een postvakje leggen.

Augmentation
Op dit niveau gaat het om de toepassing van IT ter vervanging van een bestaand leermiddel, ter versterking van de didactiek. Kernvraag is hier: gegeven een bestaande didactiek, welk voordeel is er te behalen met de toepassing van een nieuwe technologie? Een voorbeeld hiervan is het maken van digitale toetsen. Ten opzichte van een papieren toets is het nu mogelijk de leerling directe feedback te laten ontvangen op resultaten en snel analyses te maken van kennistekorten.

Modification
Op dit niveau gaat het om de toepassing van IT waarbij leertaken opnieuw worden ontworpen op basis van een beschikbare nieuwe technologie. Kernvraag is hier: met welke nieuwe leertaken kan ik de gewenste didactiek invullen, gegeven een beschikbare nieuwe technologie. Een voorbeeld hiervan is: een werkstuk wordt gemaakt in Google Docs waardoor docent en medeleerlingen onmiddellijk feedback kunnen geven tijdens het maken van het werkstuk. Werken met direct commentaar in werkstukken en het geven van direct commentaar op werkstukken van anderen is een nieuwe manier om didactische doelen te realiseren.

Redefinition
Op dit niveau gaat het om de toepassing van IT waarbij nieuwe leertaken worden ontworpen die zonder IT niet mogelijk zouden zijn. Kernvraag is hier: kan ik met een beschikbare technologie nieuwe manieren van leren ontwerpen? Een voorbeeld hiervan is: leerlingen stof laten verwerken door ze een huis laten ontwerpen in een elektronische spelomgeving.

Het model heeft belangrijke praktische consequenties als het gaat om de invoering van IT in de klas:

  • Iedere docent moet het toepassingsniveau van IT kiezen dat bij zijn of haar kennis en ervaring past.
  • Bij het stimuleren en faciliteren van de toepassing van IT (zoals door middel van scholing) moet worden aangesloten bij de passende instapniveaus van de verschillende docenten.
  • Wanneer voor veel docenten substitution of augmentation de passende toepassingsniveaus is het niet effectief de ambities hoger te leggen.

Kortom: voor IT in de klas is goed werkende techniek een voorwaarde, maar wanneer aan die voorwaarde is voldaan is de toepassing meer dan een kwestie van het aanzetten van de apparatuur.

SAMR in 120 seconden

[jwplayer player=”1″ mediaid=”9681″]

 

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *