Techniek zonder pedagogiek is gedoemd te mislukken

De belofte dat technologie het onderwijs gaat veranderen lijkt altijd op zo’n 5 jaar in de toekomst te blijven hangen. Waarom is dat zo en waarom zou dat binnenkort anders zijn? De Canadese onderwijsvernieuwer en wetenschapper Michael Fullan heeft hierop een duidelijke visie.

Om te beginnen: waarom zou het onderwijs moeten veranderen? Fullan’s eigen drijfveer hiervoor ligt bij het creëren van gelijke kansen voor ieder kind. Hij ziet daarnaast in de maatschappij een push- en een pullfactor. De pushfactor illustreert hij met de onderzoeksresultaten over de teruggang in enthousiasme van leerlingen over school gedurende hun schoolcarrière: dat enthousiasme daalt van 95% bij aanvang tot onder de 40% in het VO. Bij leraren is iets vergelijkbaars te zien. De pull-factor bestaat uit de explosie van digitale innovaties die zich in de samenleving voordoen. Tijd voor verandering dus.Future education 1

Nu staat het onderwijs natuurlijk niet met de rug naar de samenleving en er is een sterke toename te zien in investeringen in educatieve technologie. De impact van deze investeringen op het onderwijs blijft vooralsnog echter onduidelijk. Fullan wijt de beperkte resultaten aan 2 zaken: de digitale innovaties hebben techniek boven pedagogiek geplaatst en ‘excitement above evidence’ geplaatst. Dat geeft grote kans op wat hij noemt ‘digital disappointments’ of ‘digital dreaming’. Voor een werkelijk grote sprong in verbetering en verdieping van leerresultaten pleit Fullan voor de combinatie van pedagogiek, techniek en veranderkunde. Zonder effectieve pedagogiek en kennis van veranderkunde heeft de invoering van digitale middelen geen betekenis. De kern van zijn betoog is dat het in het onderwijs gaat om de relatie tussen leraren en leerlingen. Alleen daar kan met de inzet van techniek verschil worden gemaakt.

Zonder een plan met stevige pedagogische uitgangspunten zijn middelen als tablets geen vernieuwende leermiddelen, maar hooguit een elektronische variant op bestaande middelen. Er zijn de nodige schrikbeelden die deze visie ondersteunen: ongebruikte software, tablets en laptops die vooral worden gebruikt voor spelletjes en social media, overbelaste leerkrachten bij de zoveelste vernieuwing. De weg die Fullan afkeurt is duidelijk: geen inzet van technologie in het onderwijs zonder een pedagogische onderbouwing. De omgekeerde weg wordt uit zijn publicaties minder duidelijk: Hoe kom je van een pedagogisch doel naar de bijpassende inzet van technologie?

Change management

De antwoorden die Fullan te bieden heeft vallen in 2 categorieën uiteen: checklists (veel) en een persoonlijke visie op onderwijs. In een recente publicatie van Fullan heeft hij een index opgesteld voor de beoordeling van op ICT gebaseerde innovaties voor het onderwijs (http://www.nesta.org.uk/sites/default/files/alive_in_the_swamp.pdf ). De index is een mooi stuk werk dat zowel voor pedagogiek, technologie als veranderkunde criteria aanreikt. Toch kan gebruik van deze index ook averechts uitwerken. Er is namelijk, zoals Fullan zelf ook aangeeft, geen systeem dat aan alle criteria voldoet. Het zoeken naar de juiste aanpak kan daarom verlammend werken. Innovaties houden ook altijd risico’s in en kenmerken zich door een zekere ongewisheid van de uitkomsten.

Het meest concreet in zijn antwoorden over hoe het wel moet wordt Fullan als hij zijn persoonlijke pedagogische visie geeft. Hij hecht grote waarde aan de relatie tussen leraar en leerling. Zijn doel is dat zij gezamenlijk worden gestimuleerd om dieper te leren, gedreven door passies en betekenisvolle doelen. De nieuwe pedagogiek die hij nastreeft, draait om het helpen van leerlingen bij het vinden van betekenisvolle doelen, van hun passie en om te experimenteren op terreinen die hun verlangen stimuleren om te leren en te blijven leren. De rol van de leerkracht moet daarbij evolueren van facilitator naar activator. Niet langs de zijlijn staan, maar een actieve relatie aangaan met leerlingen, hen uitdagende doelen (laten) stellen en daar feedback op te geven. Bij deze pedagogiek moet dus technologie worden ingezet.

Zijn advies over hoe deze doelen te realiseren komt er op neer dat je je als leraar moet laten leiden door een heldere visie, met anderen moet samenwerken en veranderkennis moet gebruiken om obstakels te begrijpen en ze te slechten. Fullan’s veranderkundige visie is samen te vatten in de term simplexity: focus je op een beperkt aantal veranderingen (simpel) en probeer deze uit te breiden naar een grote groep (complex).

Kortom: voor de innovatieve inzet van digitale technologie is een planmatige aanpak nodig die zich baseert op pedagogische doelen, uitgaat van samenwerking en veranderingen creëert op basis van praktische ervaringen. De aanpak werkt bij voorkeur van klein naar groot en houdt rekening met bijsturen waar dat nodig is.

De drieslag waar Fullan voor pleit vraagt om het combineren van verschillende invalshoeken en deskundigheden. Hij laat in ieder geval zien dat veranderen een vak is en niet een automatisch gevolg van een goede visie en de juiste middelen.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *