Privacy maakt een internetdiploma noodzakelijk

Kinderen privacyPrivacy van leerlingen begint een hoofdpijndossier te worden. Uiteraard moeten ouders ervan uit kunnen gaan dat we leerling gegevens veilig stellen en dat deze niet gebruikt worden voor commerciële doeleinden. Dat we daarover afspraken maken met toeleveranciers van educatieve software. Dat we ons ervan verzekeren dat er adequate technische maatregelen genomen zijn door de toeleveranciers. (Welke onderwijsinstelling is in staat om dit op merites te beoordelen?). Dit is nog wel haalbaar voor de grote applicaties zoals de leerlingvolgsystemen, de elektronische leeromgevingen en educatieve applicaties van de grote uitgeverijen.

Maar hoe zit het met de apps op de tablets? Het aanbod is enorm. Mogen de leerlingen zelf apps installeren? Hoe weet u hoe de maker met gegevens omgaat en wat zij opslaan? Kan de leerkracht dit beoordelen en/of bijhouden? Of gaat u iemand aanstellen die alle voorwaarden gaat doornemen, controleren en beoordelen? De voorwaarden die we voorgeschoteld krijgen beslaan vaak pagina’s tekst wat in een juridisch jargon geschreven is. Kortom onbegrijpelijk tenzij u een juridische achtergrond heeft. U als onderwijsinstelling bent echter wel verantwoordelijk zolang u de digitale voorzieningen treft en aanbiedt! Dan maar geen tablets in de klas?

Ook dat is geen oplossing. Er komen steeds meer educatieve webapps. Dat wil zeggen toepassingen die zich als app gedragen maar niets lokaal installeren omdat zij in de internetbrowser werken. Zo een webapp kan wel om persoons- en/of locatiegegevens vragen. Of het een desktop, laptop, chromebook of tablet betreft maakt daarbij niets uit. Een internet browser volstaat. Hoe wilt u voorkomen of controleren dat zo’n webapp tegengehouden wordt? Stuk voor stuk blokkeren in de firewall van de school? Geen beginnen aan. Er zijn er simpelweg te veel. Het veiligste is om helemaal geen internettoegang op school aan te bieden. Maar ja, hoe zit het dan met 21ste eeuwse vaardigheden en zo? Bij 21ste eeuwse vaardigheden ligt de focus erg sterk op het toepassen van IT en beperkt op privacy en veiligheid.

Wat mij betreft ligt de privacy-sleutel bij digitale geletterdheid, dus in gedrag en niet zo zeer in de techniek of de juiste juridische terminologie. Bij digitale geletterdheid gaat het om een combinatie van IT-(basis)vaardigheden (kunnen omgaan met IT en computational thinking), informatievaardigheden en mediawijsheid. Met basiskennis IT wordt bedoeld het op de hoogte zijn van en kunnen omgaan met beveiligings- en privacyaspecten. De vraag is in hoeverre de beveiliging- en privacyaspecten in de klas in de praktijk aan de orde komen. En in hoeverre de leerkrachten en docenten zelf hier van op de hoogte zijn.

We kunnen hier niet vroeg genoeg mee beginnen. We verbieden kinderen ook niet aan het verkeer deel te nemen terwijl dit vol gevaren zit. We maken ze wel bewust van de gevaren en leren hen met het verkeer om te gaan. We sluiten dit zelfs af met een verkeersdiploma. Zwemdiploma’s halen zien we als een verantwoordelijkheid van de ouders. Met de veiligheid op internet lijkt me dit nog niet haalbaar omdat de ouders daar zelf nog veel kunnen leren. Waarom zouden we kinderen niet op school een internetdiploma laten halen zoals de Cyber Security Raad recentelijk heeft aanbevolen?

Digitale geletterdheid

Bron illustratie: Vizualism – Frederik Ruys

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *